Een keuken zonder toestellen is ondenkbaar. Tegenwoordig worden zoveel mogelijk toestellen
ingebouwd om een mooi geheel te vormen. Een inbouwtoestel ziet er compacter uit en kan mooi
verwerkt worden in het design. De inbouwtoestellen kunnen geklasseerd worden per activiteit
die uitgevoerd moet worden in de keuken.
Indien er voor elektrische kookplaten gekozen wordt kunnen deze mooi in het werkblad verwerkt
worden. In het geval van gasfornuizen is het ook mogelijk om een inbouwmodel te nemen, hoewel
het in dit geval praktisch wat moeilijker is. Een oven wordt normaal gezien steeds ingebouwd.
In de huidige keukens is een microgolfoven vaak ondenkbaar. Ook dit toestel wordt tegenwoordig
ingebouwd. Bij dergelijke toestellen moet er voldoende ruimte voorzien worden om de lucht
rondom het toestel af te laten koelen.
Waar men eten klaarmaakt is er vaak stoom, rook, en vocht. Om de lucht proper te houden en de
etensgeuren weg te werken wordt een dampkap gebruikt. Er bestaan heel wat verschillende soorten
dampkappen. Tegenwoordig gebruikt men dampkappen met interne filters en zonder uitlaatbuizen
waardoor de dampkap mooi ingebouwd kan worden boven de kookplaat. Er is in dit geval geen storende
buis meer, maar de filter moet wel op regelmatige tijdstippen vernieuwd of gereinigd worden.
Voedsel en dranken moeten natuurlijk fris bewaard kunnen worden. Hiervoor wordt een koelkast
en/of diepvriezer gebruikt. Er zijn talloze verschillende inbouwkoelkasten op de markt. Ook
bij deze toestellen moet er aandacht geschonken worden aan de verluchting achteraan aangezien
hier heel wat warmte geproduceerd kan worden door de compressor. Indien men opteert voor een
Amerikaanse koelkast is het al moeilijker om dit toestel in te bouwen, maar een dergelijke
toestel mag gerust in al zijn glorie getoond worden.
De afwas is vaak een lastige taak omdat men na al dat lekker eten liever gaat relaxen en men
niet aan de vaat wenst te denken. Om niet met deze lastige taak belast te worden kan men kiezen
voor een vaatwasmachine. Een dergelijke machine kan mooi ingebouwd worden in de keuken. Deze
lijn kan doorgetrokken worden naar wasmachines en droogkasten. Zo bouwt men deze steeds meer
en meer in de keuken in.
Dit zijn wellicht de grootste verbruikers wanneer het op energie aankomt. De manier waarop
u deze toestellen gebruikt kan een verschil van wel 50% opleveren op het gebied van
verbruikte energie.
Gasfornuizen verbruiken ongeveer 30 tot 60% minder energie dan elektrische fornuizen. Spijtig
genoeg kan niet iedereen op het gasnet aangesloten worden. Gasfornuizen moeten voorzien worden
van een dampkap om de schadelijke stoffen die vrijkomen tijdens de verbranding van gas (CO2)
te kunnen afvoeren. Bij elektrische fornuizen is dit niet nodig maar vrijwel elke kookplaats
is uitgerust met een dampkap om het overtollige vocht, dat vrijkomt tijdens het bereiden van
voeding, te kunnen afvoeren.
Aangezien het hier toch over het beperken van het verbruik van energie gaat moeten we bij
het gebruik van een dampkap de bedenking maken dat alle afgevoerde lucht moet vervangen worden
door verse lucht, die meestal wordt aangetrokken langs kieren onder de deuren, van buitenaf.
Deze lucht is in de winter veel kouder waardoor uw verwarming harder zal moeten werken om het
verlies te kompenseren. Gebruik de dampkap dan ook niet langer dan strikt noodzakelijk.
Sommige dampkappen kunnen grote hoeveelheden lucht per minuut uit de keuken trekken. Indien
uw woning zeer goed geisoleerd is en u maakt in de woonkamer gebruik van een kachel die werkt
met hout, gas, stookolie of kolen moet u er goed op letten dat er geen terugslag komt langs
de schoorsteen van de kachel. Indien de hoeveelheid afgevoerde lucht meer is dan dat er langs
natuurlijke weg de woning kan binnenkomen, zal men in de woning een onderdruk krijgen waardoor
de kans bestaat dat de schoorsteen als toevoer van lucht gaat dienen. Onnodig te zeggen dat dit
een alles behalve gunstige situatie is.
Bij gasfornuizen is er weinig verschil tussen de modellen onderling. Bij elektrische fornuizen
echter zijn er wel degelijk grote verschillen. Het meest gekende en wellicht ook het oudste
systeem bestaat uit een ijzeren schijf waaronder een weerstand zit. Deze weerstand zal door middel
van elektriciteit opwarmen en op zijn beurt deze warmte afgeven aan de ijzeren schijf. Het
opwarmen gaat traag en doordat heel de schijf moet opwarmen verbruikt dit systeem het meeste
elektriciteit. Ook tijdens de overdracht van warmte van de weestand naar de schijf treed er
verlies op.
Een iets zuiniger systeem bestaat uit stralingselementen die onder hittebestendig keramisch
glas zitten. Deze elementen zijn net zoals bij het vorige systeem weerstanden die opwarmen.
Omdat er nu geen ijzeren schijf moet opgewarmd worden gaat de afgifte van warmte sneller en is
het verbruik minder.
Een kookplaat met halogeen lampen springt ongeveer 80% zuiniger om met energie dan klassieke
elektrische kookplaten. De lampen stralen de wamte uit naar een keramische glasplaat.
Inductie kookplaten werken met magnetisme om de moleculen in metalen kookpotten te manipuleren
waardoor er warmte ontstaat. Ze zijn ongeveer 70% zuiniger in verbruik dan de klassieke
elektrische kookplaten. Bij dit type van kookplaten kan men alleen potten gebruiken die gevoelig
zijn aan magnetisme.
De aankoopprijs van kookplaten die werken met halogeenlampen of inductie ligt hoger dan de
klassieke systemen, maar het verbruik is beduidend minder. De volgende tips zullen u helpen het
verbruik nog verder te verminderen, ongeacht welke kookplaat u verbruikt.
Potten en pannen moeten steeds afgedekt worden met een deksel. Op deze manier zal de warmte in
de pot blijven en water zal veel sneller koken. Dit kan tot 60% energie besparen.
Plaats de juiste pot op het juiste vuur. Dit wil zeggen dat de grote van de pot moet
overeenstemmen met de grote van het vuur. Een kleine pot op een groot vuur laat veel warmte
langs de zijkant ontsnappen. Het is de bedoeling om de warmte gevangen te houden onder de
bodem van de pot. Grote potten op kleine vuren zullen veel te veel tijd nodig hebben om opgewarmd
te geraken. Bij gasfornuizen moet men verhinderen dat de vlammen langs de zijkant van de pot
komen. Hou het vuur onder de bodem voor het meeste rendement.
Gebruik net genoeg water in kookpotten. Het is niet altijd nodig dat groenten of aardappelen
helemaal onder water zitten. Door een deksel te gebruiken zal de stoom die gevormd wordt ook
bijdragen tot het garen van etenswaren.
Gebruik op elektrische fornuizen alleen potten en pannen met een perfekt vlakke bodem. Gekromde
bodems kunnen de warmte niet opnemen van de kookplaat aangezien het bij elektrische kookplaten
over kontaktwarmte gaat. Geen kontakt tussen pot en plaat is veel verlies tijdens het opwarmen.
Bij gasvuren heeft men dit probleem niet.
Probeer om zoveel mogelijk gebruik te maken van een snelkookpan. Deze pannen zorgen ervoor dat
u 50 to 75% minder energie nodig hebt om voeding te garen. Ook stoomkokers kunnen een grote
besparing opleveren omdat deze met een kleine hoeveelheid water werken. Hoe minder water
dat moet opgewarmd worden hoe minder energie er nodig is. Water aan de kook brengen in een
waterkoker verbruikt 50% minder energie dan dezelfde hoeveelheid water aan de kook brengen in
een pot op het kookfornuis.
Grote onderbouw ovens zijn enorme energie verbruikers. Vooraleer men ze kan gebruiken moeten
ze voorverwarmen. Tijdens dit proces moet er 20 kilo ijzer en glas verwarmd worden alsook een
grote hoeveelheid lucht. Ongeveer 10% van de verbruikte elektriciteit komt uiteindelijk ten
goede van de voeding. Dit wil zeggen dat 90% van de energie die de oven verbruikt heeft, verloren
gegaan is. Wanneer u regelmatig maaltijden bereid die in de oven moeten garen, stel uzelf dan
de vraag of het echt nodig is dat u deze grote oven gebruikt. Men kan kleinere ovens kopen die
hetzelfde gerecht kunnen laten garen met 60% minder energie.
Grote ovens zijn alleen geschikt indien u veel maaltijden in 1 keer moet klaarmaken. Probeer
zoveel mogelijk om van zodra uw gerechten klaar zijn om de oven uit te doen. Wanneer de deur dicht
blijft kan de temperatuur nog lang gehandhaafd blijven.
Microgolfovens verbruiken ongeveer 40% minder energie dan conventionele ovens van dezelfde
afmetingen. Ze zijn zeer effiecient aangezien ze geen energie verspillen aan het opwarmen
van de lucht of potten en schalen. De microgolfstraling werkt rechtstreeks in op het water en
het vet in de voeding waardoor alleen datgene opgewarmd wordt wat belangrijk is. Het ontdooien
van voeding kan ook gebeuren in een microgolfoven, maar het is goedkoper om dit te doen in
de koelkast.
Dankzij de technologische vooruitgang is het energieverbruik van koelkasten en diepvriezers
de laatste 20 jaar met wel 60% verminderd. Een nieuw toestel zal dus slechts 1/3 van de
elektriciteit verbruiken in vergelijking met een koelkast van 20 jaar geleden. De investering
die u doet bij de aankoop van een nieuwe koelkast zal zichzelf op korte termijn terugbetalen.
Op de meeste toestellen zal u een label vinden met de energie categorie. “Klasse A” is het zuinigste.
Grote koelkast/diepvries combinaties verbruiken over het algemeen minder dan kleinere
modellen wanneer men vergelijkt hoeveel kilowatt ze verbruiken in verhouding tot hun inhoud.
Koop echter geen te groot toestel. Het optimale rendement bereikt men wanneer de koelkast/diepvries
voldoende vol zit. Lege toestellen verbruiken meer elektriciteit. Deze lege plaats kan men
altijd opvullen met een paar diepvriesdozen gevuld met water. Het water zal de koude veel
beter vasthouden. Koelkasten die zijn uitgerust met een ijsmaker verbruiken 10 tot 20% meer
elektriciteit.
Energie besparen kan ook op een andere manier. De meeste mensen gaan er van uit dat een koelkast
geen onderhoud nodig heeft. Dit is voor een groot deel waar, toch zijn er een paar zaken waar
men kan op letten. Laat de deur nooit langer openstaan dan nodig is. Dit lijkt logisch, maar
men merkt maar al te vaak dat wanneer mensen thuiskomen met boodschappen, de deur van de koelkast
heel de tijd openblijft terwijl men in de plastic zakken op zoek is naar de waren die in de
koelkast moeten. Sorteer dit eerst, en open pas de deur van de koelkast als u alles klaar hebt
liggen.
Ook de plaats waar de koelkast staat is zeer belangrijk. Een koelkast die naast de oven of
vaatwas staat, of in het direkte zonlicht, verbruikt als snel 20 tot 30% meer. Zorg er ook
voor dat er voldoende lucht kan circuleren achter de koelkast. Indien de koelkast ingebouwd
is in de kasten moet men zeker verluchting voorzien anders loopt men het risico dat de koelkast
oververhit geraakt wat het verbruik de hoogte doet ingaan maar ook de levensduur enorm verkort.
Plaats geen tafelkleedjes of voorwerpen bovenop de koelkast.
Controleer regelmatig de temperatuur in de koelkast en de diepvries. Normaal gezien moet men
de thermostaat niet op het koudste zetten om de gewenste temperatuur te kunnen halen. Voor
een koelkast is dit maximum 4 graden. Een diepvries zou -25 moeten kunnen halen. Indien u deze
temperaturen niet kan halen kan dit duiden op een probleem met de koelkast of diepvries. Kijk
even na af de deur nog goed sluit. Koudeverlies kan er voor zorgen dat uw koelkast niet de
temperatuur haalt die nodig is. Zorg er ook voor dat het toestel tijdig ontdooid wordt. Overmatig
veel ijs in de diepvries zorgt er voor dat de kompressor harder moet werken waardoor veel
energie verloren gaat.
Een diepvries met de deur aan de voorzijde verbruikt ongeveer 10 tot 25% meer dan een model
met even grote inhoud maar dan in kist uitvoering. Het nadeel aan kistdiepvriezers is dat
men hier meer plaats voor nodig heeft dan voor rechtopstaande modellen. Bij het openen van een
kistdiepvries blijft de koude lucht in de diepvriezer.